19 juni 2017

Beroepssporters en -trainers die langer dan drie maanden in België willen blijven en werken bij een Belgische werkgever zijn onder bepaalde voorwaarden vrijgesteld van arbeidsmarktonderzoek bij de aanvraag van een arbeidskaart B.

Artikel 9, 11° van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 over de tewerkstelling van buitenlandse werknemers bepaalt dat zij hiervoor op jaarbasis minimaal het achtvoudige van de minimale maandelijkse bezoldiging voor beroepssporters moeten verdienen. Overeenkomstig artikel 2, § 1 van de wet van 24 februari 1978 betreffende de arbeidsovereenkomst voor betaalde sportbeoefenaars wordt dit bedrag jaarlijks in een koninklijk besluit vastgelegd.

Bij koninklijk besluit van 17 mei 2017 werd het maandelijks minimuminkomen voor beroepssporters voor de periode 1 juli 2017 tot 30 juni 2018 vastgelegd op 10.200 euro. Om van de vrijstelling van arbeidsmarktonderzoek te genieten moeten buitenlandse beroepssporters en -trainers dus vanaf 1 juli 2017 minimaal 81.600 euro bruto op jaarbasis verdienen.